Lezers willen verdwalen, of eerder: opgeslokt worden in verhalen. Wat zorgt ervoor dat dit gebeurt? Personages die in de problemen zitten. Daarvoor is conflict nodig. Maar wat is conflict precies?
Om Alfred Hitchcock te citeren: ‘A great story is life with the dull parts taken out’. Een personage dat geen obstakels moet overwinnen, op geen enkele manier in een soort van gevaar is of wordt uitgedaagd, zal ons niet lang boeien. De kans is dan groot dat een verhaal of boek aan de kant wordt geschoven. Of nog erger: een lezer krijgt verkeerde verwachtingen, leest het verhaal uit, en voelt zich bedrogen.
Motor van je verhaal
Conflict kun je dus ook wel zien als de motor van het verhaal. Conflict klinkt heel groot, maar kan het ook gaan om iets kleins gaan zoals een verlangen naar een glas water. Gaat conflict dan over de bevrediging van een verlangen? Ja, maar conflict ontstaat vooral wanneer een verlangen wordt tegengewerkt door een kracht die niet zomaar wijkt en die tegenwerking iets raakt wat voor het personage belangrijk is.
Die tegenwerking kan komen door een ander personage, systemen, wetten of regels, of bijvoorbeeld de natuur, machines of het bovennatuurlijke. Maar die tegenwerking kan ook komen door het personage zelf, doordat het zichzelf tegenwerkt. Denk aan een schuldgevoel, fobie, een ambitie of een achtervolgend verleden.
In een verhaal moet er dus wat op het spel staan voor een personage om het interessant te maken. Laten we even naar een voorbeeld kijken van conflict in de praktijk.

Conflict in de praktijk
Voorbeeld 1
Een vrouw zit op de bank in de huiskamer. Ze kijkt televisie. Haar been zit in het gips. Ze wil een glas water. Ze kan zelf van de bank opstaan, maar dan moet ze haar krukken pakken en naar de keuken lopen. Het is te doen, maar het is wel zwaar. Haar man zit aan de eettafel in diezelfde huiskamer. Hij werkt thuis vandaag.
De vrouw vraagt: ‘Schat, kun je een glas water voor mij pakken?’
De man antwoordt: ‘Is goed, schat.’
Hij brengt haar een glas water.
Zit er conflict in dit verhaal?
Nee. Er is wel een verlangen, namelijk het glas water, maar dat verlangen wordt meteen vervuld. Er zijn geen obstakels.
En als de man nee had gezegd?
Dan was het wel interessant geweest, want dan heb je een obstakel. Het ligt eraan wat de vrouw vervolgens doet en wat we weten over hun relatie. Als ze zelf opstaat en mopperend het glas gaat halen, wordt haar verlangen snel vervuld, al zal ze wel geërgerd zijn. Er is dan wel een tegenwerkende kracht die niet zomaar wijkt, maar de vrouw kan zo om die kracht heen. Er staat niets op het spel, er zijn geen betekenisvolle gevolgen voor het personage. Er is wel frictie, maar we hebben dus iets meer nodig om hier echt een goed conflict van te maken dat zorgt dat lezers doorlezen.
Wat als het niet gaat om dat glas water, maar om iets diepers, iets wat hun relatie op het spel zet?

Voorbeeld 2
Een vrouw zit op de bank in de huiskamer. Ze kijkt televisie. Haar been zit in het gips. Ze heeft haar been gebroken nadat haar man haar vorige week aanreed met de auto. Het was zeven uur ’s ochtends, glad, en de straatlantaarns brandden nog. Ze gingen allebei naar het werk. Hij met de auto naar Amsterdam; zij met de fiets naar de kinderopvang een paar kilometer verderop. Ze had hem wel eens vaker verweten slecht op te letten tijdens het rijden. Hij keek dan op zijn telefoon om een berichtje te lezen. ‘Het gaat een keer fout,’ had ze gezegd. Die ene keer was toen, toen hij háár aanreed in de straat.
Ze wil een glas water. Ze kan zelf van de bank opstaan, maar dan moet ze haar krukken pakken en naar de keuken lopen. Het is te doen, maar het is wel zwaar. Haar man zit aan de eettafel in diezelfde huiskamer. Hij werkt thuis vandaag.
De vrouw vraagt: ‘Schat, kun je een glas water voor mij pakken?’
De man antwoordt: ‘Kan je het zelf niet even pakken? Ik zit midden in een belangrijke opdracht.’
Zit er nu conflict in het verhaal?

Wel als het niet gaat om het glas water. Je moet dus dieper graven. Wat personages zeggen dat ze willen, is niet altijd waar het conflict echt over gaat. Het gaat erom dat haar gebroken been is veroorzaakt door zijn onoplettendheid. Een onoplettendheid waar ze hem vaak voor heeft gewaarschuwd en waar hij niet naar heeft geluisterd. Als klap op de vuurpijl wil hij zijn vrouw niet eens een glas water geven. Zij kan dan redeneren dat zijn werk blijkbaar belangrijker is dan zij. De vrouw vraagt zich nu constant af of ze de relatie met deze man wel moet voortzetten. Zijn ‘nee’ heeft hier dus betekenisvolle gevolgen voor het personage. De relatie van deze twee mensen staat op het spel. Dát is waar het conflict omdraait.
Kortom: het zichtbare probleem in een scène is vaak klein. Het echte conflict zit eronder. En dat conflict wordt naarmate het verhaal vordert steeds groter.
Leestip:
Personages, conflict, perspectief – Frans Stüger
De wil en de weg – Jan Brokken